livre

Cyrille Fijnaut, Criminologie en strafrechtsbedeling. Een historische en transatlantische inleiding, Uitgeverij Boom, 2014

 

Présentation : 

Dit is een boek voor eenieder die belangstelling heeft voor de geschiedenis van het denken over misdaad en straf en voor de doorwerking van de ideeën hierover in de strafrechtsbedeling en in de misdaadbestrijding in het algemeen. Het is dus evengoed een boek voor studenten, onderzoekers en beleidsmakers als voor advocaten, magistraten, politiemensen, justitieambtenaren en hulpverleners. Zoals het ook een boek is voor “gewone burgers” die willen weten waar de tegenwoordige aanpak van misdaadproblemen vandaan komt.
Nooit eerder werd een inleiding tot de criminologie geschreven waarin haar geschiedenis vanaf de zestiende eeuw tot op de dag van vandaag stelselmatig wordt behandeld in samenhang met de geschiedenis van de instellingen van de strafrechtsbedeling: het politiewezen, de justitie, het gevangeniswezen, de reclassering en de jeugdbescherming.
Ook werd nog nooit een studie gepubliceerd waarin niet alleen de ontwikkeling van de criminologie en de strafrechtsbedeling in West-Europa (België, Nederland, Duitsland, Frankrijk, Groot-Brittannië en Italië) wordt besproken, maar waarin ook systematisch de wisselwerking met hun evolutie in de Verenigde Staten vanaf het einde van de achttiende eeuw tot in deze tijd wordt uitgediept.
Bovendien maakt de zeer omvangrijke bibliografie dit leerboek tot een uitermate geschikt instrument voor verdere studie en nader onderzoek. De vele illustraties dragen er op hun manier toe bij dat het lezen van dit boek een plezier voor de geest vormt.

Cyrille Fijnaut doceerde vele jaren strafrecht en criminologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, de Katholieke Universiteit Leuven, de Universiteit van Tilburg en New York University. Hij publiceerde de voorbije decennia – alleen en samen met anderen – nationaal en internationaal vele honderden boeken, bundels, rapporten, bijdragen en artikels. Deze publicaties hebben betrekking op uiteenlopende onderwerpen, zoals de geschiedenis van de politie in de Lage Landen en West-Europa, de problemen van georganiseerde misdaad en sociale onveiligheid evenals de politiële en justitiële samenwerking in de Europese Unie. Zijn interesse voor de theoretische ontwikkeling van de criminologie en haar doorwerking in de strafrechtsbedeling nam in de loop van de tijd alleen maar toe, zoals blijkt uit dit boek.
Verder was hij vele jaren voorzitter of lid van de redactie van een aantal (inter)nationale wetenschappelijke tijdschriften, onder meer Panopticon, Delikt en Delinkwent, European Journal of Crime, Criminal Law and Criminal Justice, Policing and Society en Criminology and Criminal Justice. Samen met anderen verzorgde hij de redactie van reeksen als de International Encyclopedia of Criminal Law en Samenleving, Criminaliteit en Strafrechtspleging. Hij werd ook veelvuldig uitgenodigd om als expert mee te werken aan onderzoekscommissies. In België was hij onder meer verbonden aan de parlementaire commissie die een onderzoek instelde naar het strafrechtelijk onderzoek betreffende de aanslagen van de Bende van Nijvel. In Nederland maakte hij bijvoorbeeld deel uit van de commissie die onderzoek deed naar de problemen inzake de veiligheid en beveiliging van wijlen Pim Fortuyn. En in Zuid-Afrika zat hij – na de vrijlating van Mandela – in de commissie die de uitbarsting van gewelddadige conflicten in het land moest voorkomen.